Het feest gaat niet door

De nichtjes Pien en Lisa (10 en 8) hebben een plan. Ze komen aanhollen. “Mam, mogen we logeren?” “Oma, mag ik bij Lisa logeren?” Ze lachen en roepen door elkaar heen. “Even overleggen,” zegt Oma.

En dan: “Jammer meiden, vanavond kan niet, want ………………” Er volgt een uitleg.

En dan: “Zullen we voor een andere keer afspreken?”

Pien begint te huilen: “Ik wil het zo graag, mag het?”

verdrietig meisje.png

Oma zegt opnieuw nee en herhaalt haar uitleg en Pien gaat door met huilen. Ze huilt harder.

Oma ziet het aan en legt nog een keer uit waarom het vandaag echt niet kan en als het huilen niet stopt nog een keer en dan is haar geduld op. “Hou nou op met huilen Pien, ik heb toch gezegd dat we voor een andere keer afspreken.”

Kennelijk verwacht Oma dat Pien door de uitleg begrip kan opbrengen voor de situatie en op basis daarvan de weigering accepteert en openstaat voor de geboden oplossing (een ander keer afspreken). Maar zo werkt het kennelijk niet, ook niet als je het drie keer doet.

Pien begrijpt Oma niet, maar heeft Oma, Pien wel begrepen? En begrijpt Pien zichzelf? Hoe zou het gaan als Oma actief luistert:

 “Oh meiden, wat jammer. Jullie hadden het zo mooi bedacht en er zo’n zin in. Maar vanavond kan het echt niet. Ik zie dat je ervan moet huilen Pien, zo jammer vind je het.”

Goede kans dat het snikken van Pien minder wordt. Ze weet nu immers dat Oma haar heeft begrepen.

En als Oma dan zegt: “Kunnen jullie iets anders verzinnen, nu jullie vanavond niet bij elkaar kunnen logeren?” is ze wellicht in staat een alternatief te bedenken dat wel uitvoerbaar is.