Helpen kan verkeerd uitpakken.

Als ik ‘s ochtends uit mijn raam kijk zie ik mijn buurvrouw Joukje. Achter haar rollator, met blote benen en haar lange vlecht nog op haar rug, op weg naar de krant in de brievenbus aan het hek. Achter haar hompelt, als altijd, Joris, haar rode “driepootpoes”. Joris heeft bij een auto-ongeluk een poot verspeeld.

Op een ochtend staan Joukje en Joris aan het hek, klaar voor een praatje.  Een vrouw met een grote hond loopt langs de boerderij en dan gebeurt het. Uit het niets, valt de hond de kat ineens aan. Vrouw in de sloot en Joris gewond.

Een buurvrouw ziet het gebeuren en biedt meteen praktische hulp. Ze helpt de vrouw uit de sloot en brengt Joukje met Joris op schoot naar de dierenarts. De arts lapt Joris wat op, maar die avond wordt de aanval Joris alsnog fataal.

rode kater.jpg

Mensen komen langs Ze proberen Joukje te troosten. Ook ik. Ze zit in haar stoel en staart voor zich uit. Ze vertelt voor de zoveelste keer wat er is gebeurd en hoezeer ze haar maatje mist. “Tegen wie moet ik nu praten? Zo’n stom ongeluk”. Ik knik. “Ja wat een gemis, door zo’n stom ongeluk”

Ik ben blij dat ze de toestand zo verwoordt.  Haar verdriet heeft zich niet verstopt onder woede. Woede tegen de hond of zijn eigenaar. Gelukkig maar, woede leidt vaak tot onbezonnen acties en helpt niet bij de verwerking.  Voor verwerking moet je het verdriet recht in de ogen kijken.

Joukje vertelt hoe lief de mensen zijn om langs te komen. Sommige doen het onbedoeld verkeerd. Ze zeggen: “Ga maar snel een andere poes te halen, ik heb al voor je op internet gezocht, kijk eens” Joukje wordt daar alleen maar verdrietiger van: “Snappen ze dan niet, dat ik geen poes mis, maar dat ik Joris mis?”  “Ja”, zeg ik, “een andere poes is voor jou geen oplossing voor dit verdriet." Eerst maar eens flink rouwen, denk ik?” Joukje knikt en zucht.

Zo gaat het vaak. We willen het verdriet van het ander wegnemen, niet alleen voor die ander, maar ook voor onszelf want het is moeilijk om het verdriet van een ander aan te zien, je machteloos te voelen. Dus beginnen we ongevraagd te adviseren, oplossingen aan te dragen. Dat verdriet, hoplakee, weg ermee!

Maar iemand met heftige emoties kan niet nadenken. Niet over jouw oplossingen en bovendien zijn die ook zelden geschikt voor een ander. Adviseren heeft, onder deze omstandigheden geen enkele zin en de ander voelt zich  onbegrepen.

Naast het bieden van acuut nodige praktische hulp is actief luisteren het beste wat je te bieden hebt. Neem de tijd en verwoordt, wat volgens jou, de ander bedoelt te zeggen en voelt. Met een vraagteken erachter om te checken of je het echt begrepen hebt. Dat biedt troost en doet de heftigheid van de emoties afnemen.